Heimwee naar het heden

Afgelopen week overviel het me weer, zoals zo vaak. Het gebeurt me steeds opnieuw, steeds wanneer ik mijn kleine man naar het peuterwerk breng, of naar school, zoals hij het zelf noemt. Het begon al toen hij vijf maanden oud was en ik hem naar de oppas bracht, om zelf weer te gaan werken. Ik vond het heerlijk om weer aan de slag te gaan, maar hij groeide zo snel, werd zo snel groter. Ik voelde de behoefte om de tijd te vertragen op momenten dat het zo knus en gezellig was, momenten waarop ik hem zo heerlijk kon knuffelen en hij dat lekkere babylachje liet horen.

Ik voelde het toen hij zijn eerste stapjes zette en op zoek ging naar nieuwe avonturen. Ik voelde het toen zijn zusje geboren werd en we hoorden dat er niet veel tijd zou zijn. Op dat moment wilde ik het liefst de batterijen uit de tijd halen, zodat ze even zou stoppen, stil zou staan, zodat we het moment konden bevriezen. Maar het lukte niet, ze tikte ongenadig door.

Ik voel het, nu de geboortedag van onze kleine meid nadert, nu het in december al een jaar geleden is dat ze op deze wereld kwam. De tijd tikt door, genadeloos, ze houdt er totaal geen rekening mee dat ik nog niet toe ben aan het verstrijken van dat jaar. De tijd is zonder schroom doorgegaan en ergens ben ik haar een beetje kwijtgeraakt, omdat ik haar niet bij kon houden.

Vroeger voelde ik het nooit. Toen kon ik ook niet wachten op later. Later, als ik groot zou zijn. Als ik een baan zou hebben, als ik een man zou hebben, een paar kinderen in ons huis. Later, als ik het leven eindelijk zou begrijpen en het naar mijn hand zou kunnen zetten. Toen voelde ik het niet, toen had ik dat verlangen dat ik bij mijn zoon zie. Een verlangen naar een tijd die doortikt, zodat je nieuwe dingen kunt ontdekken, door kunt gaan. En juist hier schrik ik van, dat ik praat over vroeger. Vroeger, dat voelt als een mensenleven geleden. Dat voelt alsof ik ergens de tijd ben kwijtgeraakt, dat ik uit het ritme ben gaan lopen, een stapje opzij heb gezet, omdat ik haar niet meer bij kan houden. Dan voel ik me ineens bejaard in plaats van 32.

Afgelopen week overviel me weer, zoals zo vaak. Het overviel me toen mijn zoontje wees naar de middelbare school die zich naast het kinderdagverblijf bevindt.heimwee naar het heden Duim in de mond, knuffelbeer stevig in zijn hand geklemd, wees hij met zijn vingertje. ‘Ikke naar die school mama, als ik groot bent!’ Het overviel me, de snelheid van de tijd. Het overviel me weer, dat bijzondere gevoel. Het heet heimwee. Naar vroeger? Nee, ik hoef niet terug naar vroeger. Ik wil ook niet vooruit. Dus op dagen als deze overvalt me een gevoel van heimwee. Heimwee naar het heden. Om de tijd heel even stil te zetten, te bevriezen, te genieten van het moment.

Vandaag bevries ik de tijd. Vandaag staan we nog even stil. Vandaag is er een herdenkingsdienst voor ons meisje, voor al die andere mensen die in het afgelopen jaar ‘uit de tijd zijn geraakt’. Vandaag ben ik stil. Vandaag stopt voor mij heel even de tijd. Doen jullie mee? Zet vandaag heel even de tijd stil, negeer haar, luister niet naar haar, ontneem haar de macht die ze op je leven uitoefent. Lach haar uit, speel met haar, verstop haar, vergeet haar, knuffel je dierbaren net een beetje extra en geniet. Want de tijd? Die is er even niet.

Fijne zondag!

 

Iedere zondagochtend verschijnt er bij Taalknutsels een nadenker online. Meer lezen? Kijk bij de Zondagse Knutsels! Zelf teksten nodig? Kijk hier wat Arianne voor jou kan betekenen of neem contact op voor de mogelijkheden. En kijk ook eens naar het zojuist verschenen boek Zwarte Roze Wolk!

Als ik de baas zou zijn van het journaal

Ik zit het journaal te kijken, het ‘grote-mensen-journaal’. Niet te verwarren met het journaal dat deze week ook weer begonnen is. In dat laatste journaal zie ik zoals altijd spanning rondom de vraag of hij wel of niet zal aankomen in Nederland. Vandaag kijk ik echter naar het ‘grote-mensen-journaal’, ik val midden in het eerste onderwerp. Ik zie een hoop politie op straat. Ik zie mensen die door de politie tegen de grond gewerkt worden. Ik zie een peloton politie tegenover boze mannen. Ik zie politie te paard achter een wegvluchende menigte aanstuiven. Het verbaast me. Ik begrijp gewoon niet dat mensen dit over hebben voor een voetbalwedstrijd. Ik begrijp niets van hooligans en opruiende voetbalfans. Dan valt mijn mond nog verder open van verbazing. Het gaat hier niet over voetbal. Het gaat om de sinterklaasintochten die er in diverse delen van het land georganiseerd zijn. Ik kan niet geloven wat ik zie, deze beelden horen mijn inziens al niet bij een voetbalwedstrijd, maar zeker niet bij een sinterklaasintocht! Ik weet niet hoe het jullie vergaat, maar ik begrijp het niet meer mensen. Ik begrijp het echt niet meer. Ik begrijp onze samenleving niet langer. Ik begrijp niet hoe we zo lijnrecht tegenover elkaar zijn beland om een kinderfeest, afgelopen week zelfs tot in de rechtbank aan toe.

Hoofdschuddend kijk ik naar het journaal. Mijn gedachten dwalen terug naar die bijzondere ontmoeting afgelopen week. Afgelopen donderdag zat ik aan tafel met vier andere mama’s. Niets bijzonders zou je zeggen. Direct ging het gesprek over onze kinderen. Ook niets bijzonders zou je zeggen, zo zijn moeders, tot vervelens toe praten ze over hun kinderen. Maar wij zaten midden in dat restaurant doodgewoon te praten over onze overleden kinderen. Allemaal misten we ons dierbaarste bezit. De ene na de andere herkenning vloog over de tafel. “Hebben jullie dat ook? Dat je niet begrijpt waar anderen zich druk om maken in het leven? Dat er zoveel onzinnige dingen zijn om stress over te hebben?” We herkennen het allemaal. Zoveel zaken zijn voor ons voorgoed veranderd. “Stress om de feestdagen? Stress om te voldoen aan het juiste beeld voor de buitenwereld? Het perfecte leven nastreven?” We lachen, het is een kort en cynisch lachje. Nee, die stress kennen we niet echt meer. Die stress zit er voor ons allemaal niet meer in. We zijn de wereld anders gaan bekijken en soms voelt dat eenzaam. Behalve hier, waar we aan tafel onbeperkt mogen spreken over de kinderen die we niet langer vast mogen houden.

Ik denk terug aan dit gesprek, terwijl het journaal verdergaat. Volwassenen die knokken om een kinderfeest. Volwassenen die knokken óp een kinderfeest. Een kinderfeest lieve mensen! Ik denk dat wij als moeders het afgelopen week wel hadden geweten. Het scheelt ons geen bal welke kleding Sinterklaas draagt en welke kleuren de pieten hebben. Het kan ons niet schelen of er peper- of zoutnoten worden uitgedeeld. Het maakt ons niet uit of hij op een paard of een ezel komt. Want als je levende kinderen hebt, die met een blij snoetje genieten van het sinterklaasfeest, zou het je geen bal uit moeten maken hoe dat feestje ingevuld wordt. Je hebt kinderen, je staat 1-0 voor. En heb je levende kinderen, sta je 2-0 voor.

De volwassen medemens is het spoor volledig bijster. Alle partijen hebben zich in hun loopgraven teruggetrokken. Laten we nu eens nadenken waar het echt om gaat. We hebben het over een kinderfeest. Geniet er simpelweg eens van met je kinderen, in welke feestvorm dan ook. Heeft niemand in de loopgraven door waar we nu echt mee bezig zijn? Een kinderleven is soms veel te kort om deze momenten te verknallen. Ga toch eens genieten. Mét elkaar. Verdrietig schakel ik naar een ander net. De kinderen maken het niet ingewikkeld, die beseffen wel waar het om gaat. Mijn zoon van 2,5 vat het in een paar woorden samen. “Sinterklaas komt naar papa en mama thuis, kadootjes brengen, chocola brengen, samen met de Pieten.” Het maakt hem niet uit hoe ze eruit zien, zolang ze deze taak maar volbrengen.

Fijne Sinterklaas. Dat we volgend jaar maar eens een vredige Sinterklaas mogen vieren in plaats van een vredige Kerst.

 

Iedere zondagochtend verschijnt er bij Taalknutsels een nadenker online. Meer lezen? Kijk bij de Zondagse Knutsels! Zelf teksten nodig? Kijk hier wat Arianne voor jou kan betekenen of neem contact op voor de mogelijkheden. En kijk ook eens naar het zojuist verschenen boek Zwarte Roze Wolk!

De les van de eenzame fietser

Na dagen vol zon is het tijd voor een echte herfstdag. De opspattende regen op het grijze asfalt stemt mij toch een beetje somber. Het gebrek aan kleur en het gebrek aan zon veroorzaken als vanzelf een gebrek aan vrolijkheid. Ik zoef over de dijk naar huis en verheug me al op de warmte van de houtkachel. Dit weer vraagt om comfort, dit weer vraagt om de warme cocon van ons huis. Ineens zie ik hem linksvoor in beeld verschijnen. Hij rijdt op het fietspad onderaan de dijk. Vanuit mijn positie kan ik hem goed zien. Mogelijk waant hij zich onbespied. Hoewel, eerlijk gezegd vermoed ik dat het hem niets uitmaakt. De keurig uitziende man, zijn haar door de jaren heen wit geworden, rijd op zijn fiets door de regen. Niet bijzonders, zou je denken.

Normaal zou mijn blik niet eens op hem gevallen zijn. Maar hij doet iets bijzonders, iets typisch, iets wat ik niet met zijn uiterlijke leeftijd kan matchen. Ik kijk opnieuw. Zie ik dat nu goed? Het is toch wel een man op leeftijd? Vanuit het zijraampje kan ik nog net constateren dat ik het goed zie. De keurig uitziende, witbehaarde meneer zwenkt van links naar rechts. Zijn stuur gooit hij beurtelings om en zijn lichaam doet mee. Zijn fiets slingert over het fietspad. Het is een bewuste actie. Meneer slalomt als een heuse jonge knul tussen de onderbroken witte belijning op het fietspad door. De afstand tussen ons is te groot en mijn snelheid te hoog om hem nog goed in het gezicht te kunnen kijken. Ik kan me zo voorstellen dat een jongensachtige grijns zijn gezicht oplicht.

Ik voel hoe mijn mondhoeken omhoog krullen. Ik voel een lachkriebel opkomen. Deze man doet iets mannelijks: hij koestert het kind in zichzelf. Ik vermoed dat de witte lijnen hem riepen. Dat ze hem vroegen of hij het nog kon, net als vroeger. Hij bedacht zich geen moment en gooide vol jeugdige bravoure zijn stuur om.

In mijn achteruitkijkspiegel zie ik hem verdwijnen. De grijze lucht voor mij is nog net zo grijs. De regen op het asfalt geeft nog dezelfde grauwe sluier. En toch… De lucht voelt lichter en de regen doet er ineens niet meer zo toe. Deze man verdrijft met zijn jeugdige onbevangenheid mijn sombere bui. Als ik uit de auto stap deert de regen me niet meer zo. Ik besluit een voorbeeld te nemen aan deze man en huppel naar de supermarkt. In gedachten dan. Mij ontbreekt net dat laatste stukje jeugdige bravoure om het spreekwoordelijke stuur om te gooien.

Iedere zondagochtend verschijnt er bij Taalknutsels een nadenker online. Meer lezen? Kijk bij de Zondagse Knutsels! Zelf teksten nodig? Kijk hier wat Arianne voor jou kan betekenen of neem contact op voor de mogelijkheden. En kijk ook eens naar het zojuist verschenen boek Zwarte Roze Wolk!

Stoer, sterk en dapper: leven zonder angst

Ik weet niet meer precies hoe oud ik was toen ik kennismaakte met haar, maar gezien mijn actieve herinneringen zal ik vast een jaar of zes zijn geweest. Ik zag haar voor het eerst bij mijn buren. Zij was het meisje dat ik wilde zijn. Stoer, sterk, dapper en van het woord angst leek zij nog nooit te hebben gehoord. “Stoer, sterk en dapper: leven zonder angst” verder lezen

Herfst: de afsluiting van een tijdperk

De herfst. Ieder jaar opnieuw maakt het toch een gevoel van melancholie bij me los. Voor mij is de wisseling van zomer en herfst een soort oud & nieuw; ook zo’n feest dat ditzelfde gevoel oproept, het gevoel dat je iets afsluit. De herfst betekent toch vaak het afsluiten van een mooie zomerperiode. Er zijn nog wel zomerse dagen, maar de kans op lage temperaturen, storm en regen wordt beduidend groter. De herfst is vaak ook de tijd dat iedereen wat meer naar binnen gaat en de deuren sluit. Zodra de herfst daadwerkelijk begint, voel ik me standaard een beetje eenzamer. “Herfst: de afsluiting van een tijdperk” verder lezen

Proud to be oud

Het is al heel wat jaren geleden dat mijn oom op veel te jonge leeftijd overleed. Hij was graag oud geworden. Ook al zou hij dan wat stijver en strammer worden, zou hij langzamer gaan lopen, zouden zijn rimpels toenemen en zou zijn langzaam kalende hoofd ietwat voorover buigen naar zijn schoenen; hij zou het allemaal accepteren. De andere gevolgen van het ouder worden waren namelijk veel belangrijker. “Proud to be oud” verder lezen

Wat is jouw testament?

Zijn uiterlijk past precies bij zijn beroep. Hij is de man die je voor je ziet wanneer je het over zijn beroepsgroep hebt. Niet al te groot, vriendelijk voorkomen, een zekere leeftijd, brilletje op, spreekt rustig en bedachtzaam en – ik bedoel het niet verkeerd – is een ietwat stoffig type. Op zijn bureau wat stapels papieren. De notaris schuift ze opzij en buigt zich voorover. ‘Zo, hoe staat het leven bij jullie?’ We wisselen wat algemeenheden uit. Dan komen we to the point.

Een testament

‘We willen graag een testament opstellen en wat zaken vastleggen, voor het geval er een dag komt waarop wij beiden overlijden.’ Hij trekt een wit vel papier naar zich toe, klikt de dop van de vulpen en begint met een situatieschets op het papier. ‘Goed: man en vrouw, hebben jullie kinderen?’ ‘Ja, die hebben we…’ Ik aarzel even. Het komt straks toch aan de orde, dus ik vertel het maar vast. ‘We hebben twee kinderen gekregen, een zoon en een dochter, maar ons dochtertje is in januari overleden.’ Zijn pen blijft zweven boven het papier. Over het randje van zijn bril kijkt hij ons aan. ‘Och, wat een groot verdriet. Dan begrijp ik wel dat jullie zaken willen vastleggen, het leven is niet vanzelfsprekend.’

Wat als wij er niet meer zijn?

Hij noteert onze wensen. Wat moet er met onze zoon gebeuren als ons iets overkomt? Wat als zijn veilige thuisbasis wegvalt, wie vangt hem op? Wie regelt de financiële afwikkeling? Wie verkoopt het huis? Wie neemt de voogdij op zich? Zijn pen krast over het papier. Hij vertelt over de mogelijkheden. Daarnaast is hij als notaris dé expert in doemscenario’s oplepelen. Wat als deze voogd de voogdij toch niet wil? Of wat als deze voogd ook overlijdt of rond de tijd dat jullie overlijden aan lager wal is geraakt en beneveld over straat zwerft? Samen lopen we alle mogelijke scenario’s door, regelmatig schieten we onbedaarlijk in de lach bij alle situaties die hij opvoert. Hij zal het tegenkomen als notaris.

Zorg voor je kinderen

Wanneer alles is besproken en afgehandeld, valt er een last van mijn schouders. Zorgen voor je kinderen doe je niet alleen hier en nu. Zorgen voor je kinderen doe je ook door na te denken over later. Laat je kind of je kinderen niet in de kou staan als je wegvalt. Zadel achterblijvers niet op met zaken die je zelf kunt regelen. Pak je verantwoordelijkheid. Als jij het niet regelt, zal de rechter het regelen. En helaas zijn er van die verhalen, van families die ruziën over de voogdij of de erfenis, waar emoties de overhand krijgen. Wel zo prettig wanneer je dit voor die tijd al zelf tackelt.

Kleine moeite, groot ‘plezier’

Heb jij kinderen? En heb je nagedacht over de voogdij? Heb je iemand in gedachten? Vraag het eens aan die persoon. Maak het bespreekbaar! Voor de voogdij hoef je niet eens een testament op te laten stellen, dat kan heel eenvoudig en gratis via het gezagsregister. Dat zijn al een aantal excuses minder: je hoeft niet naar de notaris, je hoeft er niets voor te betalen en het is met een paar muisklikken gebeurd. Zo simpel kun jij er voor zorgen dat jouw kinderen goed opgevangen worden na jouw overlijden.

Maar ook als je geen kinderen hebt en er wel een koophuis of vermogen is, is het goed om hier iets over vast te leggen. Zorg dat je familie elkaar niet in de haren hoeft te vliegen.

Het testament is in de maak. Alles staat erin.  Lachend hebben we met de notaris afgesproken dat het ergens veilig opgeborgen wordt en pas tevoorschijn komt als wij beiden op hele hoge leeftijd onze ogen sluiten. Maar ergens geeft het me toch rust.

Wat laat jij na?

Wat laat jij na? Heb jij je zaakjes al geregeld of vind jij het ook zo lastig om hier stappen in te zetten? Ik vond het best een dingetje. Toch bleek dat helemaal niet nodig. Op de site van de rijksoverheid en op de site van de notariële beroepsverenging vind je een hoop informatie. Leg deze zaken vast en geniet daarna met een gerust hart van het leven. Als we deze week in Nederland iets hebben geleerd, is het de kwetsbaarheid van dit leven.

Maak er vandaag een mooie dag van. Geniet, heb lief, koester en houd vast. En laat iets prachtigs na, straks, als je oud en gerimpeld bent; een testament van je leven, vol mooie levenslessen en plezier!

Op zondagochtend verschijnt er bij Taalknutsels een kleine nadenker online. Meer lezen? Kijk bij de Zondagse Knutsels! Zelf teksten nodig? Kijk hier wat Arianne voor jou kan betekenen of neem contact op voor de mogelijkheden.

Met 1 minuut maak jij een verschil!

Afgelopen maandag was het Wereld SuïcidePreventieDag, georganiseerd door de WHO en de IASP. Zij riepen op om één minuut van je tijd te geven. De actie was dit jaar niet voor het eerst. Toch vond ik het oorverdovend stil. stop suicideDe kranten zwegen. Er was ‘s avonds een documentaire op tv, maar verder was het stil. Er valt nog steeds een wereld te winnen als het gaat om aandacht voor psychisch lijden, psychiatrische aandoeningen en zaken als suïcide. Vandaar dat ik er vandaag toch wat woorden aan wijd in de zondagse nadenker, mag ik één minuutje van jouw tijd?

De dood, hou es op, dat is niet gezellig!

Sorry! Ik snap je reactie. Het klinkt al snel heftig, suïcide. Wow… dan heb je het over doodgaan. Daar praten we liever niet over. We kunnen er ook niet zoveel mee, dat geldt voor de dood in zijn algemeenheid. Best raar, want we weten zeker dat we allemaal een keer kennismaken met de dood. Eigenlijk is het doodnormaal, maar het geeft ons toch een ongemakkelijk gevoel, vooral als het naar ons idee niet op het juiste moment komt. Dat geldt bij het spreken over suïcide, dat geldt bij mensen die ernstig ziek worden, bij mensen die te jong horen dat de dood op hen staat te wachten. We zijn in die situaties snel geneigd om het er maar niet over te hebben of om opmerkingen te plaatsen als ‘ach, wie weet komt het toch nog goed, je moet wel hoop houden.’ Het is ons ongemak met de dood dat ons soms letterlijk bij elkaar weghoudt.

Deel jouw ongemak!

Dat ongemak is helemaal niet erg, dat kunnen we prima uit de lucht helpen. Wat je daarvoor moet doen? Eerlijk zijn. Zeg het gewoon! Zeg dat je de juiste woorden niet weet. Vertel dat je graag íets zou willen doen om het voor de ander beter te maken, ook al weet je dat je niets kunt doen. Dat geldt naar de persoon die lichamelijk ziek is en zal overlijden, maar dat geldt ook bij psychisch lijden. Deel jouw ongemak! Dat is helemaal niet raar. Je wilt graag dat het met de ander goed gaat.

Zwangerschapsdepressie

Ik raakte depressief in dat wat veel mensen de mooiste tijd van je leven noemen. We keken uit naar ons kindje, maar mijn zwangerschap werd door de hormonen een grote, zwarte wolk. Ik had geen idee of de depressie ooit weg zou gaan. Misschien zou ik me de rest van mijn leven zo voelen. In mijn hoofd ging het mis, mijn hoofd verlangde naar rust. Mijn hoofd riep dat het nooit meer goed zou komen en was moe van het ploeteren. Ik probeerde open te zijn, ik probeerde uit te leggen wat de hormonen deden, maar had daarbij wel mensen nodig die mij een minuutje van hun tijd gaven.

Openheid loont

In mijn tweede zwangerschap ben ik eerlijker geweest. En weet je wat? Het hielp. Het hielp als ik mocht zeggen ‘Help, ik kan dit niet, dit is niet vol te houden, de depressie klauwt om zich heen en ik trek het niet meer. Ik verlang zo naar rust in mijn hoofd.’ Doordat ik dat kon vertellen, doordat er mensen waren die wilden luisteren zonder oordeel, hield ik het vol. Er stonden mensen op die zeiden ‘Wow, wat heftig, ik vind het zo rot voor je, ik kom naast je staan, net zolang als het nodig is.’ Mensen die één minuut de tijd namen. Eén minuut om te luisteren zonder oordeel, één minuut om een kaartje te sturen, één minuut om een doosje chocolaatjes te brengen en één minuut om een arm om mij heen te slaan. Mijn depressie verdween niet, maar mocht er daardoor wél zijn.

 

Jouw minuut kan het verschil zijn

suicide preventie helpenZie je hoe eenvoudig het is? Jíj kunt dat verschil maken. Jij kunt degene zijn die zegt ‘Hé, wat beroerd dat jij je zo voelt. Ik wilde dat ik het beter voor je kon maken, maar dat kan ik niet. Ik wil wel naar je luisteren. Jouw verhaal mag er gewoon zijn. Je hoeft je niet beter voor te doen dan je bent. Ik begrijp het misschien niet precies, maar praat in elk geval tegen me, vertel me wat je bezighoudt. Wie weet lucht het je een beetje op.’ Zo eenvoudig kun jij misschien net dat verschil maken.

Zullen we eerlijk zijn naar elkaar?

We helpen suïcide vast niet de wereld uit en ook psychisch lijden zal blijven bestaan. Maar met elkaar een beetje eerlijker zijn helpt wel. We schilderen onze levens graag mooi af of bagatelliseren onze tegenslagen. Ik vertelde met een dikke buik dat ik het vreselijk vond om zwanger te zijn. Daar werd soms vreemd op gereageerd, het hoort nu eenmaal niet zo. En bovendien: je bent zwanger, dat is toch iets moois? Klopt, maar die zwangerschap was onlosmakelijk verbonden met een depressie, en die was een stuk minder mooi. Zeker wanneer de depressie riep dat het genoeg was en het leven zwaar maakte. Zo zwaar dat ik soms heel moe werd van dat leven. Maar als ik was blijven roepen dat de zwangerschap wel meeviel, had ik anderen hetzelfde opgelegd: ‘ontken hoe jij je echt voelt’. Dat wilde ik niet. Ik wilde eerlijk zijn. Een zwangerschap is niet altijd leuk. Het leven is niet altijd leuk. Sterker nog: het leven is soms verdraaid zwaar.  Als we daarin nét even wat vaker naar elkaar willen luisteren, wat vaker open zijn, toegeven dat het leven helemáál niet altijd leuk is, dan kan dat ontzettend veel lucht geven.

Je hoeft niemands leven te redden, maar geef eens één minuutje van jouw tijd. Oprecht. Eerlijk. Dank je wel voor jouw minuut.

 

Op zondagochtend verschijnt er bij Taalknutsels een kleine nadenker online. Meer lezen? Kijk bij de Zondagse Knutsels! Zelf teksten nodig? Kijk hier wat Arianne voor jou kan betekenen of neem contact op voor de mogelijkheden.

Wees de druppel in de oceaan

Afgelopen week zag ik een klein berichtje voorbijkomen op de website van de NOS. Een klein, positief berichtje, temidden van al die nare berichten. Een positieve druppel in de oceaan van slecht nieuws. Een berichtje dat de wereld net een beetje mooier maakt. Zo’n berichtje verdient wat meer aandacht.

Het was een Amerikaanse student opgevallen dat er geen Aziaat te bekennen was op de foto’s van zijn lokale McDonald’s. Aziaten schijnen in de Amerikaanse media wat onzichtbaar. Deze Amerikaanse jongen vond het tijd voor verandering. Hij zag een lege plek aan één van de muren van deze McDonald’s en een idee was geboren. Hij plande een fotoshoot met zijn Aziatische vriend, maakte een poster van één van de foto’s en hing uiteindelijk, verkleed als medewerker, de poster op de lege plek.

Vul die lege plek

Nu hangt er in deze McDonald’s al geruime tijd een foto mét Aziaat. Deze Amerikaanse jongen zag een lege plek en vulde hem op. Hij constateerde niet alleen een feit, maar handelde ook. Hij maakte op deze manier duidelijk dat de wereld nog net een beetje leuker kan. Zelf zegt hij erover “Wees de druppel in de oceaan” verder lezen

Kun jij dansen in de regen?

Na een zomer vol droogte kwam het ineens met bakken uit de hemel: regen. Een onophoudelijke stroom vocht vond zijn weg van de hemel naar de aarde. Regen, je weet wel, dat spul waar wij Nederlanders doorgaans over mopperen. Omdat er teveel valt, omdat het op de verkeerde plaatsen of op de verkeerde momenten valt, omdat het te nat is, omdat het onze straten blank laat staan, omdat het ons evenement in het water laat vallen of omdat het ons, op weg naar onze bestemming, laat veranderen in verzopen katten.

Snakken naar vocht

De droogte heeft iets in ons veranderd. De droogte maakte van de regen ineens een soort goddelijk vocht, waar we allemaal naar verlangden. De droge grond schreeuwde om water. Verpieterde, bruine grassprieten, meer dood dan levend. Verpieterde groenten, kromme komkommers, verschrompelde paprika’s, te kleine pruimen; ze snakten allemaal naar water. Boeren hadden zorgen. Niet om een mislukte oogst door velden vol regen, maar om een mislukte oogst door velden die snakten naar water.

Eindelijk… regen!

Na de eerste druppels regen kwamen er op social media juichende berichten voorbij van mensen die lieten zien dat het bij hen regende. Deze mensen deelden hun enthousiasme met de wereld om hen heen. Misschien voelden zij zich stiekem vereerd dat zij wél regen hadden. Ik zag mensen op tv die lachend vertelden dat ze zonder paraplu door de regen liepen, omdat ze de regen toch een beetje gemist hadden. Waren wij dit? Waren deze Nederlanders die de regen juichend ontvingen, dezelfde Nederlanders die doorgaans mopperen vanwege de regen?

We zijn bij tijd en wijle een mopperend volkje, niet alleen wanneer het om de hoeveelheid regen gaat. We mopperen op zoveel vanzelfsprekendheden in het leven. Als we eerlijk zijn, mopperen we best vaak uit luxe. Een periode waarin alles wat zo vanzelfsprekend is ineens ontbreekt is soms heilzaam. Pas bij die langdurige afwezigheid realiseren we ons dat het voorheen ‘zo slecht nog niet was’. Pas dan groeit het verlangen naar iets waar we graag op mopperen.

Wat is jouw regen?

De regen is teruggekeerd. Onze zoon was dolenthousiast. ‘Kijk mama, zegen!’ Hij kan de -r- niet uitspreken, maar in dit geval had hij toch ook een beetje gelijk.  We haalden massaal opgelucht adem. Een beetje regen is zo slecht nog niet, we kunnen niet zonder. Het brengt ons ook een hoop goeds. Inmiddels zijn we weer aan de regen gewend (op sommige plekken viel ook wel ineens ontzettend veel) en is alles weer bij het oude. Nu kunnen we met plezier weer mopperen op al dat vocht en vergeten hoe we deze zomer snakten naar diezelfde regen.

Kijk vandaag eens om je heen. Waar mopper jij regelmatig op? Is datgene waar je op moppert eigenlijk zo slecht nog niet? Misschien laat het je wel groeien, wordt je er wijzer van, geeft het je op zijn tijd ook plezier. Mogelijk zou je het missen wanneer het er nooit meer is. Trek je regenpak aan, zet je paraplu op of beter nog: ga dansen in jouw regen. Zeg eens één keer dank je wel tegen datgene (of diegene) waar je op moppert, probeer af en toe te kijken naar wat het je óók geeft. Soms wordt aanwezigheid pas opgemerkt wanneer het afwezigheid is geworden.